Hoe of ’t verder gaan kan.

Woongroep vervolg:

Over een Oud mede bewoonster

IMG_4814

Zo gemiddeld één keer in de maand ga ik bij haar langs. Ik ben één van de weinigen die haar nog bezoekt. Maar “ik heb dan ook wat met haar”, ook al is ze 14 jaar ouder. Ze laat me tevens al vast een stukje van mijn mogelijk voorland zien.

Gisteren middag was ik er weer. Aan het begin was het wel even van “ik weet niet of ik dit nog langer trekken kan”. Ze was boos, verontwaardigd en verdrietig tegelijk. Maar ze draaide bij.

Ook zij was indertijd met eigen verwachtingen aan het leven in onze woongroep begonnen, een jaar of zeven voor ik er kwam. Niet alleen kwam zij, zoals wij allemaal er achter hoe anders het in ’t echt is, en dan niet alleen kwa voorstellingen die we er allemaal onwillekeurig van maakten, we bleken stuk voor stuk ook heel erg van elkaar te verschillen, met onze wortels in onze eigen individuele achtergronden.

Dat is natuurlijk ook een vast gegeven en een leerzame opdracht om dan toch met elkaar er iets van te kunnen maken.

Zij had het vaak over waar ze vandaan kwam en telkens begon ze ook weer over haar vader, waar ze idolaat van was. En dan de oorlog, wat ze er allemaal niet in had meegemaakt. “Dat heb ik je geloof ik nog nooit verteld hè”? En dan stak ze weer van wal met de één of andere anekdote die we allemaal al lang van haar kenden. Ik vond dat nooit erg. Niet alleen omdat je over de oorlog b.v. nooit uitgesproken raakt, ook behoorden haar verhalen ook ten dele tot die van mij. We hadden vanuit mijn beleving nogal wat raakpunten met elkaar. Ze was ook in Saoedi-Arabië geweest, ze had veel gereisd, we hadden, zonder elkaar te kennen in dezelfde plaats gewoond, ze had net als ik ook drie kinderen en noem maar op.

Het verbaasde me wel hoe weinig kritisch zij zichzelf altijd beschouwde. Het waren de anderen die nooit luisterden, maar in hoeverre zij zelf dat dan wel deed, daar had ze weinig kijk op. Maar ik weet dat aan die andere tijd waarin zij opgroeide. Mijn generatie kreeg heel andere trends over zich heen dan de hare, o.a. m.b.t. kijken naar ons eigen aandeel in vooral lastig lopende contacten.

Ze bewandelde haar eigen pad. Wie niet. Maar zij koos voor uniciteit. Ik vond haar leuk daarin. Ze zag er ook goed en verzorgd uit. Ze kletste gezellig en was buiten de groep niet ongeliefd. Ze had ook een artistieke inslag. Haar flat was smaakvol ingericht met eigen gemaakt schilderwerk aan de wand.

Maar nu is ze aan haar woonplek in een verzorgingshuis min of meer geketend. Komt het vertrek amper nog uit en zoekt geen contact met andere bewoners. Wie denkt er nog aan haar? Waar zijn haar kinderen? Nee, ze woont niet meer bij ons. Ze kreeg een jaar of wat geleden wat hersen infarctjes, ja, en toen ging ze hier weg om niet meer echt terug te komen. Ze kalefaterden haar weer wat op en lieten haar elders opnemen. Ze had er de leeftijd per slot voor. De tijd was aangebroken vond de arts dat ze zich wel eens mocht laten verzorgen. Dat hadden ze dan wel even zonder haar beslist. Daar zat ze dan. Het “overkwam” haar zegt ze vaak. Ze wil er weg, maar hoe? Haar flat hier bij ons die staat er nog. Ze is nog steeds lid van onze woongroep. Ze betaalt er voor. Maar niemand die het nog ziet zitten met haar weer terug in ons midden. Zelf denkt ze van alles nog te kunnen, maar wij weten wel beter.

Ze worstelt, zonder ooit nog boven te kunnen komen.

Haar lot? Ook het onze.

——-

HJR (24-4-’17)

vandaag kwam de verhuiswagen. Ze had het er wel over gehad, dat ze dinsdag zou verhuizen, ze klonk ook erg gedecideerd daarover. Maar gisteren ging voorbij zonder dat ze kwam. Bleek vandaag dus. Nou, ik schrok er wel van. Wat nu, hoe nu? Haar dochter liep achter haar aan.

Alle spullen werden in de flat gezet. Zijzelf ging met dochter mee. Eerst naar de flat, vervolgens mee naar huis. Er was een begeleidster bij. Leek me een beroepskracht. Ze zouden gaan zien hoe of het gaat.

Ik denk van daaruit naar een noodopvang en dan voor altijd in een nieuw  verzorgingshuis wat evenmin bevalt.

Gaan we niet meer over. Wel benieuwd.


HJR (26-4-’17)

Gisteren aan het eind van de middag werd ze door haar zoon hier afgezet. 4x per dag thuiszorg gaat ze krijgen. Ze is nu weer mede bewoonster dus. We gaan het meemaken. Voor haar power heb ik wel enige waardering, maar ze legt wel veel op een andermans bord. Niet meer sympathiek te noemen.

HJR (16-5-’17)

Ze riep iets van boven. Was aan komen rijden op de fiets. Ik keek omhoog en zag haar staan. “Hallo”, riep ik. “Maar ik kom niet naar je toe”. Het werd ons afgeraden om contact met haar te hebben. “Hoe is het met je”? Vroeg ze nog. “Oh goed hoor” en liep van haar weg, richting voordeur. Ik kon het niet opbrengen om naar haar toe te gaan, de tegenzin is me te groot.

Maar voel me er ellendig onder. Maar ik weet, ik kan het gewoon niet aan. Ik ga lelijke dingen tegen haár zeggen en ruzie met haar krijgen. Het grenst aan onmenselijkheid. Helaas. Hoop dat een dergelijke situatie mij straks gespaard zal blijven. Ik vind het heel erg vernederend.

16-5-’17

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s